Continuümbenadering schizofrenie vermindert stigma

Eric van den Bosch 22-01-2021 32 keer bekeken 0 reacties

Zowel publiek stigma als zelfstigma ten aanzien van schizofrenie komen veel voor. Onderzoek wijst erop dat de continuümbenadering van schizofrenie, waarbij de grenzen tussen ‘normale’ mensen en mensen met schizofrenie enigszins vervagen, het stigma in de algemene bevolking kan doen verminderen.

In een Franse onderzoek werd de hypothese getoetst dat de positieve werking van het continuümmodel op publiek stigma en zelfstigma toeneemt als de waargenomen gelijkenis (perceived similarities) tussen jezelf en de persoon met schizofrenie toeneemt. De deelnemers werden geworven via een online survey in de algemene bevolking. De deelnemers kregen at random een korte video te zien met inhoud die gelabeld kan worden als respectievelijk continuüm-opvatting over schizofrenie, categoriale opvatting over schizofrenie (d.i. de overtuiging dat de persoon met schizofrenie ‘anders’ is dan jezelf; essentialisme), en neutraal.

Uit de analyses bleek een significant effect van de blootstellingen (continuüm, categoriaal of neutraal) op zowel het continuümmodel als het categoriale model. Er werden geen correlaties gevonden tussen het categoriale- en het continuümmodel, ze zijn onafhankelijk van elkaar. Uit

Ook bleek dat de effecten van het categoriale- en continuümmodel op daarmee respectievelijk geassocieerde essentialisme en zelf-stereotypering gemedieerd werden door de waargenomen gelijkenis. Anti-stigma interventies kunnen meer effect hebben als de waargenomen gelijkenis tussen personen kan worden vergroot.

Lees hier de samenvatting.

Violeau et al. (2020). How continuum beliefs can reduce stigma of schizophrenia: The role of perceived similarities. Schizophr Res. 2020 Jun;220:46-53.

0  reacties

Cookie-instellingen