Youri Derks: Het is hier best gezellig!

205 keer bekeken 1 comments

Youri Derks is klinisch psycholoog in opleiding bij het VIP-team Apeldoorn-Zutphen van GGNet.

Maandagmorgen, 10.20 uur. Ik stap uit de auto. Een lege parkeerplaats omringd door een grauw terrein vormt het decor. Een van de ‘terreinen’ van de instelling waar ik werk. Kale bomen en een donkergrijze lucht maken het sfeerbeeld compleet.

Vol geveinsde goede moed stap ik in de richting van De Buurse, een van de betonnen parels op dit landgoed. Zou hij er zijn? Vast wel. Hij wil het zelf anders. Nu echt. Dat het de 4e keer is dat Willem dit heeft verkondigd in de paar maanden dat ik hem nu ken - zolang werk ik nog niet in het VIP-team – verdring ik naar de achtergrond.

Als ik De Buurse binnenstap, begint een speurtocht. Het gebouw van de Acute Deeltijd waar Willem weer structuur en houvast mag gaan vinden, blijkt een doolhof voor gevorderden. Verouderde laagbouw die vroeger gebruikt werd voor langdurige gesloten opnames. Smalle gangen, veel hoekjes, weinig ramen. Erg weinig ramen. Het gebeurt me niet vaak dat ik de binnenkant van een gebouw kleiner vindt lijken dan de buitenkant.  

De ontvangst is hartelijk, maar ongemakkelijk: “De cliënt is er niet.” Oké, die vraag hoef ik dus niet meer te stellen. Ik mag wachten in een huiselijk ingericht kamertje: bankjes, plantje, schilderijtjes en zelfs ramen.

Ik besluit Willem te appen. Gedreven door zijn overtuiging op alle mogelijke manieren gehackt te zijn, wantrouwt hij alles wat met technologie te maken heeft, maar WhatsApp is vandaag oké.

“Het is hier best gezellig”, zet ik onder een foto van het bankje tegenover me. Ik ben blij dat ik geen panoramafoto heb gemaakt. “Huichelaar”, schiet door mijn hoofd. Helpt dit iemand met paranoia?

Willem blijkt niet in voor gezelligheid. Vandaag is geen goede dag. Willem is – mild uitgedrukt – ‘naar de klote’. Ik negeer mijn gevoel, dat inmiddels aardig overeenkomt met mijn indruk van de omgeving en vraag: “Misschien kunnen we bellen?” Dat kan wel.

Intussen zijn de collega’s van de deeltijd ook binnengekomen. Willem zal toch echt moeten verschijnen. Juist. “Is het goed als ik toch eerst even bel?” Ik zie niet of er echt geknikt wordt, maar ik doe het maar. Nadat WhatsApp voor de 6e keer heeft besloten dat hij niet gaat opnemen, krijg ik het aardig warm.

Drie paar ogen staren me begripvol aan. Of is het misprijzend? Ik voel me in elk geval meer bekeken dan gezien. Ze zullen wel denken, schiet door mijn hoofd. Laag zelfbeeld en achterdocht zijn kennelijk ook vatbaar voor parallelprocessen. 

Als ik quasi-onaangedaan mompel dat het vandaag kennelijk niet gaat gebeuren, voel ik mijn hand trillen. Willem! “Het is echt bijna niet te doen vandaag”. Een lichtstraal breekt door. Bijna is niet helemaal. 20 minuten later gaat de deur open. De ruimte verandert. Ik zie hoe de blikken van de collega’s vol compassie zijn. Het veel te bleke gezicht van Willem lijkt er zowaar kleur van te krijgen. Hier is contact. Willem voelt het ook, dat denk ik tenminste. In elk geval wil hij wel starten. Ik ontspan. Het is hier echt best gezellig!

1  Comments

Kristien Harmsen February 13, 2020

Mooi! Iedere stap is er een.